HET AFVUREN.
In het heetst van de strijd was een strikte discipline vereist om de verschillende voor het laden vereiste handelingen in de juiste orde te doen verlopen.
De bij de verschillende legers meest gebruikelijke volgorde van handelen geven wij hier weer.
Elk stuk geschut bestaat uit vijf man.
Elke man heeft een nummer, een functie en bijbehorende gereedschap:
NR 1 Lader Laadgereedschap
NR 2 Patrooninsteker Bezem en emmer
NR 3 Aansteker Zundstok of lontstok
NR 4 Patrooninbrenger Beurston en prop
NR 5 Richter Ruimnaald, lont, kruithoorn, duimeling en
kwadrant.
Voorts kent elk geschut een sergeant, en elke batterij kent een luitenant.
De geschutsexercitie begin met een aantal handelingen die slechts 1 maal uitgevoerd worden: afmars naar het geschut, het nummeren en het visiteren van de geschut.
Na deze drie handelingen volg het schietklaar maken en afvuren.
Bij elke verrichtingen wordt er een commando voor gegeven, er zijn 19 commando's er voor om een geschut schietklaar en af e vuren.
Behalve bij een strijd dan zijn er maar twee commando's : laden en vuur.
DE KANONNEERDISCIPLINE
Het geschut wordt eerst gevisiteer: de zundgat en de loop wordt nagekeken of ze schoon zijn.
De kruit wordt in gebracht de richter dekt met zijn duim het zundgat af voor de veiligheid om te voor komen dat er kruit wordt gemorst, als de lading en het projectiel omlaag worden gedril.
Het geschut wordt gericht op aanwijzing en vervolgens van ontstekingskruit en lont.
het geschut wordt afgevuurd met een lontstok, de uitslag geëvalueerd.
De loop wordt nat uitgesponsd om eventuele vonken van het vorige schot te doven en om de kruitaanslag week te houden.
En de procedure wordt herhaald.
1duim leer, 2 richt lat.
3 aanzetter, 4 wisser.
5 kreulstaart, kruitlepel.