Het Rationalisme
Het rationalisme is een filosofische stroming waarin de rede of het redelijke centraal staat. Met de rede bedoelt men respectievelijk het verstandelijk denken. Er zijn eigelijk drie soorten rationalisme: het kennistheoretisch, het metafysisch en het levensbeschouwelijk rationalisme. Het rationalisme toont veel verwantschap met het idealisme, dit is omdat wanneer het idealisme gaat, het meestal ook om iets rationalistisch gaat en andersom ook.
Ondanks dat het verschijnsel rationalisme zich al eerder voordoet, kunnen we pas echt spreken over rationalisme vanaf de 17de eeuw. Het rationalisme gaat daar van start met Descartes. In zijn opvatting over kennis legt Descartes de nadruk op het denken en verstand. Hij si van mening dat sommige kennis al in ons verstand aanwezig door zogenaamde aangeboren ideeën. Het rationalisme van Descartes is een vorm van kennistheoretisch rationalisme net zoals Kant die later een grote bijdrage zal leveren aan het kennistheoretisch rationalisme en drukt tevens zijn stempel op de gehele kennistheorie. Tegenover dit soort rationalisme staat het empirisme, een stroming die juist het idee van aangeboren ideeën geheel verwerpt en alle ideeën herleidt tot dingen die we ervaren.
Het metafysisch rationalisme is een vorm van rationalisme dat zegt dat de gehele werkelijkheid een gestructureerd en logisch universum is dat door de rede of ratio gekend kan worden. De wetenschap kan dus in principe de gehele werkelijkheid begrijpen. Dit is in tegenstelling tot de levensfilosofie die juist zegt dat we pas tot het wezen van de werkelijkheid door kunnen dringen met hele andere instrumenten dan de rede of het verstand. Het Metafysisch rationalisme vindt zijn hoogtepunt bij de deïsten van de franse verlichting: Cherbury, Voltaire en Rousseau. Een ander hoogte punt is het metafysisch rationalisme van Hegel. In tegenstelling tot hen kunnen er weer een paar levensfilosofen worden genoemd, die de werkelijk juist zien als chaotisch en irrationeel.
In het levensbeschouwelijk rationalisme wordt de ratio gezien als enig instrument om ware kennis en geluk te vinden. Voor wat betreft de ware kennis hangt dit alles weer sterk samen mat het metafysisch rationalisme. Het gaat hierbij ook om de strijd tussen rede en openbaring en geloof. Met welke kunnen we nu echte kennis verwerven?
Later gaat het rationalisme over in het Positivisme van Auguste Comte. Hier wordt het rationalisme min of meer verzoend met het empirisme. Maar wel onder voorwaarde dat de aangeboren ideeën als onjuist worden beschouwd en dus worden afgedaan. Je zou dus kunnen zeggen dat alleen het Metafysische en levenbeschouwelijke rationalisme zijn weerklank vindt bij het positivisme.